Echografie, voor een precieze diagnose

Met echografie kan een heel precieze diagnose worden gesteld.

Ten eerste kunnen opnames worden gemaakt van het houdings- en bewegingsapparaat. Dat wil zeggen van de ‘weke delen’ (spieren, banden, slijmbeurzen) en de gewrichten. Hierdoor kunnen spierblessures, peesletsels en slijmbeursirritaties precies worden gelokaliseerd. Tevens kan de ernst van de blessure worden bepaald. Tenslotte kan met echografie ook het herstelproces in de gaten gehouden worden.

De aandoeningen die met echografie in beeld kunnen worden gebracht zijn:

  • tennisellebogen
  • verkalkingen in pezen (bijvoorbeeld rond de schouder)
  • rupturen
  • vochtophopingen
  • dislocaties
  • cystes
  • laesies
  • peesletsels
  • slijmbeursontstekingen

.    

Hoe gaat het echografisch onderzoek in zijn werk?

Allereerst brengt de therapeut een gel aan op de ‘aangedane’ plek. Daarna onderzoekt hij die plaats met een ‘kop’ . Tijdens het onderzoek kunt u op het beeldscherm meekijken. Voor een leek is het evenwel moeilijk om een echografisch beeld te lezen. Maar de therapeut zal proberen u uit te leggen wat hij ziet. Vervolgens stelt hij een mogelijke diagnose. Tenslotte bepaalt de therapeut – in samenspraak met u – de juiste behandeling. Tijdens of na het behandeltraject kan het herstel eventueel door echografisch onderzoek gecontroleerd worden.

Door echografisch onderzoek is het dus mogelijk een preciezere diagnose te stellen. Het onderzoek is niet belastend. Het gaat snel en gemakkelijk en doet geen pijn.

Wilt u ook een duidelijke diagnose?

Bel 046-45 11 225 of neem schriftelijk contact met ons op!